Menu

Tag Archive: CAPI Café

  1. CAPI Nieuwsbrief – september 2025

    Reacties uitgeschakeld voor CAPI Nieuwsbrief – september 2025

    Welkom terug bij de CAPI nieuwbrief! We hopen dat jullie een hele fijne zomer hebben gehad. We beginnen het academische jaar met een goed gevulde nieuwsbrief vol leuke kennis, aankomende evenementen, en meer! In deze na-zomereditie nodigen we jullie graag uit voor het volgende CAPI Café dat gaat over inclusiviteit bij onderzoek. Ook maak je kennis met PhD kandidaat Bodine Huffels en haar onderzoek naar teststrategieën van het centrum seksuele gezondheid en lees je over een onlangs gepubliceerd CAPI onderzoek over scabiës. Verder kun je nog een laatste plekje bemachtigen voor de CAPI Academy over het schrijven van een abstract, vind je een uitdagende quizvraag, staat er weer een publicatie in de spotlight, én hebben we aankomende evenementen op gebied van infectieziekten voor je gebundeld in de kalender. Heel veel leesplezier!

    Uitnodiging CAPI Café – Meepraten, meedoen, meetellen; praktische handvatten voor inclusief en participatief onderzoek

    Je bent van harte uitgenodigd om deel te nemen aan het volgende hybride CAPI Café op dinsdag 28 oktober van 12:00-13:00 uur bij GGD Gelderland-Zuid! Tijdens dit café duiken we met dr. Tessa van Loenen, senior onderzoeker bij het Radboudumc, in het thema ‘inclusief en participatief onderzoek’. Hoe maak je onderzoek écht inclusief, en kan dat wel? In dit café bespreken we waarom het belangrijk is om onderzoek inclusiever te maken, welke aandachtspunten en valkuilen er zijn, en hoe je participatieve methoden kunt toepassen in je eigen praktijk. Je krijgt praktische handvatten om je onderzoek nog inclusiever in te richten, van het betrekken van deelnemers bij het onderzoeksontwerp tot het omgaan met praktische en ethische aspecten.
    Het CAPI Café is geaccrediteerd voor artsen, verpleegkundigen, en deskundigen infectiepreventie.

    Ben jij er ook bij? Meld je dan aan via onderstaande button! Je kunt het CAPI Café online bijwonen of fysiek deelnemen bij GGD Gelderland-Zuid.

    Een evaluatie van PREP2PEER: een community-gedreven vangnetfonds voor PrEP gebruikers

    Bodine Huffels, PhD kandidaat bij AWPG CEPHIR

    Mijn naam is Bodine Huffels, ik woon in Amsterdam en heb een achtergrond in gezondheidswetenschappen. Tijdens mijn master heb ik twee wetenschappelijke stages gedaan, waarin ik enthousiast ben geworden over onderzoek. Nu ben ik eerstejaars PhD-student bij het Centrum Seksuele Gezondheid (CSGez) van de GGD Rotterdam-Rijnmond. Mijn promotieonderzoek richt zich vooral op het evalueren van alternatieve test- en preventiestrategieën binnen de soa-zorg.

    Mijn eerste project richt zich op pre-expositieprofylaxe (PrEP) voor hiv in de regio Rotterdam-Rijnmond. PrEP is essentieel in hiv-preventie en zeer effectief bij goede therapietrouw. Echter, therapietrouw kan worden belemmerd door barrières, zoals de kosten van PrEP. Hoewel bij het CSGez PrEP-zorg – waaronder soa-testen – voor sleutelpopulaties gratis is, moeten cliënten zelf PrEP-pillen aanschaffen bij de apotheek. De prijs voor PrEP varieert van €16 tot €60. Voor sommigen zijn deze kosten helaas te hoog. 

    Om PrEP toegankelijker te maken heeft het CSGez Rotterdam-Rijnmond PREP2PEER opgezet (PREP2PEER | ggdrotterdamrijnmond.nl). PREP2PEER is een fonds dat mensen ondersteunt die PrEP niet kunnen kopen via de apotheek. Om de impact van dit fonds te vergroten en meer mensen te ondersteunen, worden PrEP-cliënten actief betrokken. Tijdens hun PrEP-consult wordt hen gevraagd of zij een financiële bijdrage aan het fonds willen doen. 

    Mijn onderzoek evalueert het PREP2PEER-initiatief. Daarbij staat de bereidheid tot het doen van een donatie, (economische) haalbaarheid, duurzaamheid (bv. of mensen meerdere donaties doen over tijd) en algemene acceptatie centraal. We onderzoeken hierbij ook welke factoren, zoals demografisch en sociopsychologisch, van invloed zijn. 

    Het PREP2PEER-project is halverwege juli begonnen en duurt 1 jaar. Uit de eerste resultaten blijkt dat iets minder dan een derde van de PrEP-cliënten een donatie doet. De eerste 50 tot 60 ingevulde vragenlijsten laten zien dat mensen overwegend positief zijn over het initiatief. Wel wordt er kritiek geuit op het Nederlandse beleid omtrent de eigen bijdrage voor PrEP. 

    Laatste kans! Aanmelding CAPI Academy – Het schrijven van een abstract

    De volgende editie van de online CAPI Academy gaat over het schrijven van een abstract en staat gepland op dinsdag 23 september van 14:00u tot 16:00u. Tijdens deze Academy deelt dr. Anja van der Schoor, onderzoeker bij awpg Lumens, handige tips & tricks en gaan de deelnemers in groepjes aan de slag met hun eigen abstract. Ter voorbereiding op deze Academy dien je uiterlijk maandag 15 september een abstract aan te leveren. Het abstract mag in het Engels of in het Nederlands geschreven worden, met een maximum van 300 woorden. Na afloop van de Academy ontvangt elke deelnemer feedback op het aangeleverde abstract. Handig voor de call for abstracts voor het CAPI Symposium van 2026, die zeer binnenkort wordt uitgezet!

    De Academy is bedoeld voor alle GGD’ers die werkzaam zijn binnen de infectieziektebestrijding, seksuele gezondheidszorg, reizigerszorg, en tuberculosebestrijding. Er zijn geen kosten verbonden aan deelname. De CAPI Academy is niet geaccrediteerd.

    De Academy zit bijna vol! Wil jij een van de laatste plekken bemachtigen? Meld je dan snel aan via onderstaande button!

    CAPI onderzoek gepubliceerd: Stijgende incidentie van scabiësklachten vergroot de druk op de huisartsenzorg

    Saskia van der Boor en collega-onderzoekers van AWPG AMPHI publiceerden onlangs het artikel ‘X’. Wij feliciteren alle auteurs met deze mooie prestatie! Hieronder lees je een samenvatting van het artikel. Meer weten? Bekijk hier het volledige artikel.

     

    Schurft is bezig met een opvallende comeback in Nederland en andere hoge-inkomenslanden. De huidziekte, die jarenlang relatief zeldzaam was, rukt op—maar aangezien schurft in de meeste gevallen geen meldingsplichtige aandoening is, ontbreken precieze cijfers. De huisarts is vaak het eerste aanspreekpunt bij schurftklachten – maar wat betekent dat voor de dagelijkse praktijk? Deze studie brengt de impact van de stijgende zorglast door schurft in kaart. 

    Voor dit onderzoek werden gegevens van vijf huisartsenpraktijken onderzocht, met in totaal bijna 40.000 ingeschreven patiënten, om de stijging van schurft in kaart te brengen. We vergeleken de periode met lage incidentie (2014–2020) met de recente piekjaren (2021–2023). Daarbij keken we naar het aantal schurftgerelateerde episodes, hoe snel patiënten naar de huisarts gingen, hoe snel artsen de diagnose stelden én hoeveel zorg er nodig was. 

    Het aantal schurftgevallen nam fors toe, vooral onder vrouwen en jongeren tussen 17-25 jaar oud. Ook de werkdruk liep op. Het aantal consulten zonder behandeling of vervolgactie van de huisarts daalde, terwijl voorschriften voor behandeling en verwijzingen juist toenamen. Daarentegen werden patiënten iets sneller gezien én wisten huisartsen de diagnose vaker bij het eerste consult te stellen. 

    Deze stijging in schurftgerelateerde zorg legt een flinke druk op de eerstelijnszorg. Huisartsen en publieke gezondheidsdiensten en zullen beter moeten samenwerken om verdere verspreiding te voorkomen. Vroege herkenning, snelle behandeling en goede samenwerking tussen zorg en beleid zijn daarbij cruciaal om de uitbraak te onderdrukken. 

    CAPI Quizvraag!

    In de vorige editie van de nieuwsbrief vroegen we wat een belangrijke reden is dat AMR moeilijk onder controle te krijgen is op internationaal niveau. Het juiste antwoord, “landen hebben verschillende regels en protocollen rondom antibioticagebruik en infectiepreventie”, werd door 66% van onze lezers goed gekozen!

    In deze editie hebben we een uitdagende quizvraag om het academische jaar af te trappen. De koffers worden weer uitgepakt… maar soms reizen er ook ziekteverwekkers mee terug naar Nederland. Welke infectieziekte wordt het vaakst gediagnosticeerd bij teruggekeerde Nederlandse reizigers in de meldingsplichtige surveillance?

    Dengue

    Shigellose

    Malaria

    Hepatitis A

    Publicatie in de spotlight

    Elke twee maanden zetten we een publicatie uit de tweemaandelijkse literatuur update in de spotlight. In deze nieuwsbrief lichten we het artikel: ‘How did Moroccan immigrants in the Netherlands decide with regard to their COVID-19 vaccine uptake? An exploratory qualitative study’ uit, dat is geschreven door Nora Hamdiui, Marion de Vries, Mart Stein, Rik Crutzen, Putri Hintaran, Maria van den Muijsenbergh, en Aura Timen.

    Besluitvorming rondom COVID-19-vaccinatie onder Marokkaanse immigranten in Nederland

    Hoewel de COVID-19 vaccinatiegraad in Nederland tijdens de COVID-pandemie vrij hoog was, waren er wel aanzienlijke verschillen tussen gemeenschappen. Zo bleek gedurende de vaccinatiecampagne dat onder mensen met een Marokkaanse migratie-achtergrond de vaccinatiegraad aanzienlijk lager was. Juist onder deze gemeenschap zag men ook een relatief hoger aantal overlijdens door COVID-19, wat de lagere vaccinatiegraad extra zorgwekkend maakte. Daarom is onderzoek gedaan naar het vaccinatiebesluitvormingsproces én het proces van vaccinatie-intentie tot vaccinatie-uptake bij Marokkaanse immigranten in Nederland.

    Op basis van 29 interviews met Marokkaanse immigranten in Nederland (eerste of tweede generatie, 16 jaar en ouder) is retrospectief onderzocht hoe zij hun besluitvorming rondom COVID-19-vaccinatie hebben ervaren en vormgegeven.
    In plaats van vaccinatie te beschouwen als een collectieve verantwoordelijkheid om de pandemie te bestrijden, zoals vaak werd gecommuniceerd door de overheid, bleek het voor veel respondenten vooral een persoonlijke afweging van risico’s (van de ziekte en het vaccin).

    Deze afweging om zich wel of niet te laten vaccineren werd beïnvloed door zorgen over bijwerkingen, religieuze overtuigingen en de mening van familie en vrienden. Informatie kwam uit uiteenlopende bronnen, waaronder informele bronnen zoals sociale media en WhatsApp-berichten, die regelmatig in contrast stonden met formele berichtgeving. Ook hadden deelnemers het gevoel dat de formele bronnen niet transparant waren over onzekerheden en mogelijke nadelen van het vaccin. Dit leidde tot onzekerheid en wantrouwen. Veel deelnemers stelden hun beslissing uit en wachtten af hoe anderen reageerden op het vaccin. Twijfel speelde een centrale rol. Deelnemers voelden zich soms onder druk gezet door campagnes die weinig ruimte boden voor vragen of nuance. In plaats van weerstand tegen vaccinatie was er vooral behoefte aan betrouwbare, toegankelijke en eerlijke informatie die ruimte laat voor vragen en persoonlijke overwegingen.

    De auteurs pleiten voor communicatie die aansluit bij de leefwereld van diverse gemeenschappen. Dat vraagt om meer dan alleen het vertalen van informatie: het vereist aandacht voor culturele context, religieuze waarden en de invloed van informele netwerken. Vertrouwen opbouwen begint bij het erkennen van twijfels en het serieus nemen van individuele zorgen. Daarbij is het essentieel om, ook buiten crisissituaties zoals pandemieën, actief samen te werken met sleutelfiguren en organisaties binnen de gemeenschap – zoals moskeeën en buurthuizen – om informatie over (nieuwe) vaccinaties toegankelijk en betrouwbaar over te brengen.

    Meer weten over dit onderzoek? Lees hier het volledige artikel.

    Aankomende evenementen en promoties

    4 september

    NVIB-webinar
    13:00u-14:00 – Ontmoet de Dutch Disease Detectives

    11 september

    12 september

    NVIB Webinar
    13:00 – 14:00 – In gesprek met Christian Hoebe en Jeannine Hautvast over het begeleiden van onderzoekers

    12 september

    RIVM – online EPI Refereerbijeenkomst
    12:30-13:30 – twee presentaties vanuit het centrum Epidemiologie en  Surveillance van het RIVM. Meld je aan via EPIrefereer@rivm.nl

    23 september

    CAPI Academy
    Schrijven van een abstract – 14:00u – 16:00u

    25 september

    EPI Masterclass
    RIVM – 12:30u – 13:30u
    Onderwerp volgt

    29 september

    Congres
    Nationaal Congres Preventie & Gezondheid

    2 oktober

    9 oktober

    RIVM – online EPI Masterclass 
    12:30-13:30 – onderwerp volgt

    28 oktober

    30 oktober

    RIVM – online EPI Masterclass 
    12:30-13:30 – onderwerp volgt

    Wil je meer weten over CAPI? Neem een kijkje op onze website en volg ons op LinkedIn.

  2. CAPI Nieuwsbrief – juni 2025

    Reacties uitgeschakeld voor CAPI Nieuwsbrief – juni 2025

    Welkom bij de CAPI Nieuwsbrief! Leuk dat je meeleest. In deze editie blikken we terug op de eerste CAPI Academy én kondigen we de volgende editie aan die gaat over het schrijven van een abstract. Ook stellen we je graag voor aan CAPI programmacoördinator Lynn Eggink, blikken we terug op het CAPI Café over AMR, en vertelt CAPI jaaronderzoeker Martijn Vink over zijn onderzoek naar scabiës diagnostiek bij asielzoekers. Verder hebben we weer een uitdagende quizvraag voor je klaarstaan, zetten we een bijzondere publicatie in de spotlight, en is de kalender weer bijgewerkt. We wensen je veel leesplezier!

    CAPI Academy

    Terugblik eerste editie

    De eerste editie van de CAPI Academy stond in het teken van literatuur zoeken in PubMed en was een groot succes! In een interactieve workshop door informatiespecialist dr. Mitch van Hensbergen hebben de enthousiaste deelnemers waardevolle strategieën geleerd om systematisch literatuur te zoeken in PubMed. De sessie was dynamisch en leerzaam, waarbij volop ruimte was voor vragen en discussie. Ga jij aan de slag met het zoeken van literatuur in PubMed? Klik dan hier om gebruik te maken van een handig zoekplan van de Radboud Universiteit!

    Aanmelden volgende editie

    De volgende editie van de online CAPI Academy staat gepland op dinsdag 23 september van 14:00u tot 16:00u. Deze keer staat het schrijven van een abstract centraal—een belangrijke vaardigheid voor onderzoekers die werken aan wetenschappelijke publicaties en een abstract willen indienen voor een congres of symposium.

    Tijdens deze Academy deelt dr. Anja van der Schoor van awpg Lumens handige tips & tricks en gaan de deelnemers in groepjes aan de slag met hun eigen abstract. Ter voorbereiding op deze Academy dien je uiterlijk maandag 15 september een abstract aan te leveren. Het abstract mag in het Engels of in het Nederlands geschreven worden, met een maximum van 300 woorden. Na afloop van de Academy ontvangt elke deelnemer feedback op het aangeleverde abstract. Handig voor de call for abstracts voor het CAPI Symposium van 2026, die na de zomervakantie volgt!

    De Academy is bedoeld voor alle GGD’ers die werkzaam zijn binnen de infectieziektebestrijding, seksuele gezondheidszorg, reizigerszorg, en tuberculosebestrijding. Wil jij deelnemen aan deze CAPI Academy? Meld je dan aan via onderstaande link. Wees er snel bij, want het aantal plekken is beperkt! Er zijn geen kosten verbonden aan deelname. De CAPI Academy is niet geaccrediteerd.

    Even voorstellen: Lynn Eggink, CAPI programmacoördinator vanuit awpg Lumens

    Hoi! Mijn naam is Lynn Eggink en sinds maart 2025 werk ik als programmacoördinator bij CAPI, namens AWPG Lumens. Samen met mijn collega’s houd ik me bezig met het organiseren van het jaarlijkse CAPI-symposium, coördineer ik scholingsactiviteiten zoals de CAPI-academies en cafés, verzorg ik de tweemaandelijkse literatuurupdate en houd ik onze LinkedIn en deze nieuwsbrief bij.

    Daarnaast ben ik actief binnen de onderzoeksgroep Infectieziektebestrijding van GGD Haaglanden en GGD Hollands-Midden, vanuit awpg Lumens. Ik ben hier betrokken bij diverse onderzoeksprojecten, draag bij aan de communicatie naar specifieke doelgroepen en ondersteun de onderzoekshelpdesk van de awpg Lumens-website.

    Ik krijg energie van organiseren, plannen en mensen in beweging brengen. Wat ik het belangrijkst vind? Dat onderzoek niet op de plank blijft liggen, maar écht iets doet in de praktijk. Hoe zorgen we ervoor dat kennis bijdraagt aan betere zorg en gezondheid, en aansluit bij wat professionals en burgers nodig hebben? Juist dát vraagstuk drijft mij.   

    Die drive begon tijdens mijn bachelor Gezondheid en Maatschappij in Wageningen, waar ik leerde hoe gezondheid verweven is met gedrag, beleid en maatschappelijke structuren. In mijn master Global Health aan de VU verdiepte ik me in internationale gezondheidsvraagstukken en het verbinden van praktijk en wetenschap – precies wat ik nu met veel plezier in de praktijk breng.   

    In mijn vrije tijd ben ik vaak onderweg, of het nu voor werk is, een bezoek aan vrienden, of tijd met familie. Ik geniet ervan om nieuwe plekken te ontdekken en nieuwe ervaringen op te doen. Daarnaast blijf ik graag actief met pilates, volleybal, skeeleren etc!. En tenslotte maak je me altijd blij met livemuziek, of het nu een groots festival is of een klassiek concert! 

    Terugblik CAPI Café Antimicrobiële resistentie

    Op 3 juni vond het zesde CAPI Café plaats bij GGD Zuid-Limburg. Deze keer sprak dr. Petra Wolffs, medisch moleculair microbioloog bij Maastricht UMC, over antimicrobiële resistentie (AMR). Ze gaf een diepgaande presentatie over de moleculaire ins en outs van AMR: wat houdt dit fenomeen precies in? Hoe ontstaat het, en hoe verspreidt het zich? Welke mechanismen heeft een bacterie in huis om resistent te zijn? En hoe groot is het wereldwijde probleem? We hebben deze boeiende editie van het CAPI Café beknopt voor je samengevat in een factsheet. Neem een kijkje via onderstaande button!

     

    Onderzoek naar scabiës onder nieuw aankomende asielzoekers in Nederland

    Martijn Vink, CAPI jaaronderzoeker bij CEPHIR  

    In het kader van mijn CAPI jaaronderzoek heb ik in het afgelopen jaar onderzoek gedaan naar scabiës onder asielzoekers. Uit verschillende bronnen was mij al duidelijk geworden dat in asielzoekerscentra scabiës een groeiend en soms moeilijk te controleren probleem is. In mijn onderzoek wilde ik nagaan of de ziekte bij binnenkomst met een aantal gerichte screeningsvragen te detecteren was. Ook wilde ik kijken of er specifieke risicofactoren waren voor de ziekte.  

     

    Er was geen relatie met het land van herkomst. Veel asielzoekers lopen de ziekte namelijk op tijdens de vlucht, bv. in vluchtelingenkampen of gevangenissen. Omdat vrouwen in het algemeen kiezen voor minder risicovolle vluchtroutes, hebben zij ook minder vaak scabiës. Van de verschillende geteste (combinaties van) screeningsvragen was de vraag naar ‘nachtelijke jeuk’ het meest sensitief voor de diagnose ‘scabiës’. Asielzoekers met scabiës hadden gemiddeld 4,1 maand klachten voordat de diagnose werd gesteld. In de tussentijd had de ziekte zich vaak naar meerdere lichaamsdelen verspreid.  

    Onze onderzoeksresultaten gaan wij bespreken met het GZA (Gezondheidszorg Asielzoekers). Ons voorstel is om asielzoekers bij binnenkomst in Nederland gericht te screenen op scabiës. Hiermee voorkom je veel ziektelast en waarschijnlijk veel secundaire infecties in volgende AZC’s. 

    Ik vond het een voorrecht om dit onderzoek uit te voeren. Ik heb veel geleerd van de interviews met de asielzoekers, ook over de redenen waarom mensen vluchten en de moeilijkheden die zij onderweg tegenkomen. Door de talenkennis van Aziza namen asielzoekers ons snel in vertrouwen. De onderzoeksvoorbereiding duurde lang, ook omdat wij alle partijen ‘aan boord’ moesten krijgen. Het was hierbij essentieel om deze partijen vanaf het begin bij de onderzoeksopzet te betrekken. Door de afnemende asielzoekersinstroom was het moeilijk om te gewenste steekproefgrootte te bereiken. Wij zijn hierdoor langer doorgegaan met de inclusie dan aanvankelijk gepland. 

    CAPI Quizvraag!

    In de vorige nieuwsbrief vroegen we welke factor de specificiteit van een PCR bepaalt. Het juiste antwoord was de sequentie van de primers. Maar liefst 65% van de lezers die de quizvraag hebben beantwoord, had het juiste antwoord gegeven! Gefeliciteerd! 

    In de eerste editie van de CAPI Academy over literatuur zoeken in Pubmed hebben we geleerd hoe je een goede zoekopdracht maakt en hoe je handige functies van PubMed gebruikt, zoals MeSH termen. Maar, waar staat de afkorting MeSH eigenlijk voor in PubMed? 

    Medical Subject Headings

    Medical Search Helper

    Medically Standardized Headings

    Mentioned Subject Hack

    Publicatie in de spotlight

    Elke twee maanden zetten we een publicatie uit de tweemaandelijkse literatuur update in de spotlight. In deze nieuwsbrief lichten we het artikel “Infection prevention and control without borders: comparison of guidelines on multidrug-resistant organisms in the northern Dutch-German cross-border region” uit, dat is geschreven door Cansu Cimen, Matthijs S Berends, Mariëtte Lokate, Corinna Glasner, Jörg Herrmann, Erik Bathoorn, Axel Hamprecht, en Andreas Voss.

    Infectiepreventie en -bestrijding zonder grenzen: vergelijking van richtlijnen over multiresistente micro-organismen in de Nederlands-Duitse grensregio

    Bijna 40% van de EU-bevolking woont in een grensregio, waar patiënten regelmatig zorg over de grens zoeken. In het noordelijke Nederlands-Duitse grensgebied (Ems-Dollard gebied) gebeurt dit al jaren intensief, wat ook risico’s meebrengt voor de verspreiding van bijzonder resistente micro-organismen (BRMO’s), oftwel bacteriën die ongevoelig zijn voor meerdere soorten antibiotica. Omdat BMRO-infecties erg moeilijk te behandelen zijn, nemen ziekenhuizen preventie- en bestrijdingsmaatregelingen bij BMRO’s zoals patiënt-isolatie, extra hygiënemaatregelen, en screening in risicogroepen. Deze maatregelingen zijn opgenomen in nationale protocollen.

    Maar hoe zit dit in grensgebieden, bijvoorbeeld in het Ems-Dollard gebied? Deze recente vergelijkende studie brengt opvallende verschillen aan het licht in infectiepreventiemaatregelen (IPC) voor BRMO’s tussen Nederland en Duitsland. De onderzoekers analyseerden zowel nationale richtlijnen als de lokale protocollen van twee academische ziekenhuizen in het Nederlands-Duitse grensgebied; het UMCG in Groningen en het Klinikum Oldenburg in Oldenburg. Opvallend is dat de Nederlandse richtlijnen vaak centraler en strikter zijn, terwijl Duitsland – mede door de federale structuur – juist meer ruimte laat voor lokale invulling.

    De studie richtte zich specifiek op richtlijnen rond drie groepen BRMO’s: vancomycineresistente enterokokken (VRE), ESBL-producerende Enterobacterales (ESBL-E) en carbapenemase-producerende Enterobacterales (CPE/CRE). Met behulp van documentanalyse vergeleken de onderzoekers de richtlijnen met betrekking tot de gehanteerde definities (zoals de laboratoriumcriteria om een bacterie als BRMO te classificeren), screeningscriteria, isolatiemaatregelen en uitgangspunten voor het opheffen van isolatie. Ook epidemiologische verschillen werden in kaart gebracht. Zo bleek de prevalentie van VRE in Duitse ziekenhuizen in het Ems-Dollard gebied tot 30 keer hoger dan in Nederlandse, wat deels kan samenhangen met verschillen in screeningsbeleid.

    Dit onderzoek benadrukt het belang van goede afstemming bij grensoverschrijdende patiëntenzorg. In grensregio’s zoals de Eems-Dollard is het essentieel dat zorginstellingen elkaar begrijpen en informatie over BRMO-dragers efficiënt uitwisselen. De studie benadrukt dat verschil in definities en richtlijnen – zoals het wel of niet screenen op ESBL-E – dit belemmert. Daarom bevelen de auteurs meer samenwerking en harmonisatie aan, bijvoorbeeld in de vorm van gezamenlijke afspraken of een cross-border labelsysteem. Eerder succes van MRSA-Net heeft aangetoond aan dat zo’n aanpak werkt. GGD’en kunnen hierin een cruciale rol spelen: door zorgnetwerken te verbinden, informatie-uitwisseling te stroomlijnen, gezamenlijk overleg te faciliteren en te zorgen dat infectiepreventie niet stopt bij de grens.

    Meer weten over dit onderzoek? Lees hier het volledige artikel.

    Aankomende evenementen en promoties

    5 juni

    Symposium
    Gedrag & Pandemieën – RIVM

    5-6 juni

    WEON congres
    Leiden

    11 juni

    Promotie
    Beyond the red lights: Understanding the STI/HIV burden and sexual healthcare needs of home-based and migrant sex workers – Charlotte Peters, AWPG Mosa

    12 juni

    Masterclass
    RIVM EPI Masterclass – 12:30u-13:30u – onderwerp volgt

    18 juni

    Meet&Greet
    Soa Aids Nederland – Utrecht

    14 juli

    NVIB-webinar
    13:00u-14:00 – Ontmoet de Dutch Disease Detectives

    Wil je meer weten over CAPI? Neem een kijkje op onze website en volg ons op LinkedIn.

  3. CAPI Nieuwsbrief – mei 2025

    Reacties uitgeschakeld voor CAPI Nieuwsbrief – mei 2025

    Welkom bij de CAPI nieuwsbrief! Leuk dat je meeleest. In deze editie vind je de aankondiging voor het komende CAPI Café, waar antimicrobiële resistentie centraal staat. Ook maak je kennis met CAPI jaaronderzoeker Rosa van Hoorn en CAPI programmacoördinator Elfi Brouwers. Daarnaast nieuw in deze editie: de rubriek ‘Van onderzoek naar praktijk’, waarin onderzoekers vertellen over de implicaties van hun bevindingen voor de praktijk. Verder hebben we weer een tweemaandelijkse literatuurupdate, een uitdagende quizvraag én een geactualiseerde kalender voor de komende twee maanden. Veel leesplezier!

    CAPI Café 3 juni 2025 – Antimicrobiële resistentie

    Op dinsdag 3 juni van 12:00 uur tot 13:00uur vindt het volgende hybride CAPI Café plaats bij GGD Zuid-Limburg! Tijdens deze editie zal dr. Petra Wolffs, medisch moleculair microbioloog bij Maastricht UMC, ons aan de hand van voorbeelden uit de publieke gezondheidszorg meer vertellen over antimicrobiële resistentie (AMR). Wat houdt AMR precies in en hoe vaak komt het eigenlijk voor, wereldwijd en in Nederland? Dr. Petra Wolffs legt uit hoe bacteriën antibioticumresistentie ontwikkelen én besteedt aandacht aan factoren die bijdragen aan de verspreiding van antibioticumresistentie. Ook wordt uitgelegd hoe deze verspreiding kan worden voorkomen. Tot slot wordt besproken hoe de publieke gezondheidszorg bij kan dragen aan het verminderen van verspreiding, aan de hand van voorbeelden van praktijkgericht onderzoek naar AMR.

    Ben jij erbij? Meld je dan aan via onderstaande button! Je kunt zowel online als fysiek deelnemen.

    Testbereidheid tijdens een infectieziekte-uitbraak
    Rosa van Hoorn, CAPI jaaronderzoeker vanuit AWPG Lumens

    Mijn naam is Rosa van Hoorn, ik heb een achtergrond in gezondheidswetenschappen, gericht op infectieziekten en publieke gezondheid en ben bij GGD Haaglanden gaan werken tijdens de COVID-19-pandemie. Daar heb ik meegewerkt aan de monitoring en surveillance van SARS-CoV-2. Al snel merkte ik dat mijn interesse vooral lag bij onderzoek. 

    Met twee gehonoreerde subsidies – een stimuleringsimpuls pandemische paraatheid via ZonMw en een regioproject gefinancierd door RIVM Cib – zijn we vorig jaar gestart met onderzoek naar testbereidheid tijdens infectieziektenuitbraken onder inwoners van de regio’s Hollands Midden en Haaglanden.

    Vanaf januari dit jaar heb ik via CAPI en de AWPG Lumens de mogelijkheid gekregen om verder te werken binnen deze onderzoekslijn en daar ben ik heel blij mee. Naast dat ik bij de GGD Haaglanden werk heb ik ook een gastaanstelling bij de Universiteit Leiden, afdeling Gezondheids-, Medische en Neuropsychologie, wat handig is mbt de samenwerking. 

    De aanleiding van ons onderzoek is dat GGD’en signaleren dat een test vaker wordt geweigerd, wat zorgelijk is gezien de toenemende dreiging van uitbraken en de dalende vaccinatiegraad. Daarom is de centrale vraag van het onderzoek: welke factoren beïnvloeden de testbereidheid bij een infectieziektenuitbraak? 

    Via interviews onderzoeken we testbereidheid van inwoners en de onderliggende drijfveren en barrières. We nemen de deelnemers mee in een hypothetische vogelgriepuitbraak die overdraagbaar is van mens-op-mens. De informatie die we uit de interviews halen is van groot belang om bij een toekomstige infectieziekte uitbraak beter te kunnen inspelen op de behoeften en wensen van de inwoners. Op deze manier dragen we bij aan een aanpak op maat voor testen tijdens toekomstige uitbraken. Binnenkort starten we ook een kwantitatieve vervolgstudie naar testbereidheid tijdens bron- en contactonderzoek. 

    In mijn vrije tijd ben ik graag met mijn gezin, familie of vrienden. Ik vind het leuk om zelf kleding te maken, te koken/bakken en te lezen. Maar het meest ontspannen word ik van hardlopen in de natuur. Ik heb in februari dit jaar mijn eerste trailmarathon gelopen in de omgeving van Noordwijk (zie foto). 

    Maak kennis met Elfi Brouwers,
    CAPI programmacoördinator vanuit AWPG Mosa

    Mijn naam is Elfi en ik ben een van de vijf programmacoördinatoren van CAPI, vanuit de AWPG Mosa. Sinds de oprichting in 2023 ben ik met veel plezier aan het werk binnen het Consortium en betrokken als programmacoördinator en secretaris. Mijn hoofdtaken zijn afstemming met de andere 4 AWPG’en op het gebied van juridische zaken als samenwerkingsovereenkomsten opstellen, vragen bij alle GGD’en ophalen, zorgen dat processen blijven lopen en ondersteuning van de programmaleiders op allerhande vlak als informatie opvragen over bijv. financiën, personeel, bijdrage aan opleidingen etc.  

    Naast mijn taken bij CAPI ben ik ook projectcoördinator en onderzoeker/epidemioloog bij AWPG Mosa/ GGD Zuid-Limburg. Daar draag ik bij aan projectondersteuning van alle onderzoekers en hou ik (mede) overzicht op lopende projecten, financiën, personeel, etc., en neem ik deel aan het MT en Coaching en Coördinatie team van onze AWPG.  

     

    Ik ben sinds 2003 werkzaam in de GGD wereld en heb diverse functies gehad als verpleegkundige soa-bestrijding, reizigers advisering, tuberculosebestrijding, unithoofd. Daarnaast heb ik als coördinator het Lokaal zorg Arrangement binnen de TBC zorg in Zuid-Limburg, een samenwerkingsverband tussen GGD Zuid-Limburg en het Academisch Ziekenhuis Maastricht (MUMC+) mee vorm gegeven.  Naast mijn andere werkzaamheden ben ik bezig met een PhD-traject bij onderzoeksschool CAPHRI bij universiteit Maastricht, vanuit AWPG Mosa. Ik onderzoek het vóórkomen en de risicogroepen van hepatitis B, hepatitis C en hiv. Afgelopen jaren heb ik onderzoek gedaan naar migrantengroepen, gedetineerden in een Limburgse gevangenis en heb ik een studie naar prikaccidenten buiten de ziekenhuissetting gedaan. 

    Ik heb een superleuke baan: De verbinding mogen maken tussen praktijk, onderzoek en beleid. Ik ben geen wetenschapper uit alleen de boeken. Ik kijk vanuit mijn visie als onderzoeker met een andere blik dan wanneer ik als verpleegkundige kijk. Hierdoor kan ik steeds een mooie combinatie van inzichten in onze projecten meenemen.  

    Ik ben mama van 2 puberdochters, loop graag hard of wandel met onze hond en ik ga graag iets gezelligs doen met vrienden. Oh ja, ik maak ook nog graag stedentrips en verre reizen. Eigenlijk verveel ik me nooit ????

    CAPI Quizvraag!

    In de vorige nieuwsbrief vroegen we wat het betekent dat antilichamen tegen het usutuvirus bij kippen na ongeveer 20 weken snel afnemen. Het juiste antwoord was dat personen (of dieren) na ongeveer vijf maanden minder beschermd kunnen zijn tegen een nieuwe infectie door hetzelfde virus. 74% van de lezers die de quizvraag hebben beantwoord, had het juiste antwoord gegeven!

    In de rubriek ‘Van onderzoek naar praktijk’ heb je gelezen over de toepassing van een PCR-test om Hepatitis A te diagnosticeren. De quizvraag voor deze maand is:

    Welke factor bepaalt vooral de specificiteit van een PCR, oftewel welk DNA-fragment wordt gekopieerd?

    De concentratie van het virale DNA in het monster

    Het type thermal-cycler dat wordt ingezet

    De sequentie van de primers

    Hoe zorgvuldig het protocol is gevolgd

    Van onderzoek naar praktijk:
    Toepassing van feces-PCR bij een uitbraak in de gehandicaptenzorg
     

    Binnen het werkveld van de infectieziektebestrijding wordt op allerlei manieren voortdurend onderzoek gedaan. Maar hoe vertalen deze onderzoeksresultaten zich naar de dagelijkse GGD-praktijk? In deze nieuwe rubriek zoomen we in op de praktijkrelevantie van recent uitgevoerde studies uit het werkveld.

    Deze maand lees je over de toepassing van feces-PCR, waar onderzoek naar is gedaan door Marloes Stradmeijer, Harry Vennema, Irene Vroom, Diane de Zwart-Slats, Joan Roozemond, Petra Ligthart, Ellen Verspui-van der Eijk en Rosaline van den Berg. Dit onderzoek was een samenwerking tussen GGD Hollands Midden, GGD Zuid-Holland Zuid, en het RIVM. 


     
    Feces-PCR: een goede diagnostische optie bij het bestrijden van een hepatitis A-uitbraak in de gehandicaptenzorg 

    Eind 2023 kregen we in de GGD-regio’s Zuid-Holland Zuid en Hollands-Midden te maken met twee uitbraken van hepatitis A binnen dagopvanglocaties van dezelfde koepelorganisatie voor (meervoudig) gehandicapte kinderen en jongvolwassenen, waarvoor in beide GGD-regio’s een uitbraakonderzoek is uitgevoerd. Gebrekkig hygiënebesef van de cliënten, atypische klachtenpresentatie en intensieve contacten met zorgprofessionals – vaak verspreid over verschillende zorglocaties – zijn bekende risicofactoren voor transmissie van hepatitis A binnen deze doelgroep – factoren die tevens een uitdaging in het uitbraakmanagement van hepatitis A vormen. 

    Conform de richtlijn werden vaccinaties aangeboden en werd bloedafname voor diagnostiek overwogen, maar dit laatste bleek vaak een drempel bij deze doelgroep van (meervoudig) gehandicapte kinderen/jongvolwassenen, en kon daardoor niet laagdrempelig worden ingezet. De inzet van feces-PCR werd wél laagdrempelig geaccepteerd en was een patiëntvriendelijk alternatief dat ons in staat stelde om snel en gericht maatregelen te treffen. Daarmee droeg het bij aan de beheersing van de uitbraak én het beschermen van deze kwetsbare doelgroep. Het bleek ook een goede keuze te zijn bij contacten buiten de instellingen, zeker omdat een deel van de diagnostiek verricht werd in het belang van de publieke gezondheidszorg en niet in het individuele belang.  
     

    Adviezen voor de praktijk 
    Wanneer je te maken hebt met een hepatitis A-uitbraak in de gehandicaptenzorg of onder kinderen, overweeg dan het inzetten van feces-PCR. Met feces-PCR is diagnostiek mogelijk, ook wanneer bloedafname lastig of niet haalbaar is. Dit vergroot het zicht op de uitbraak en maakt gerichtere bestrijdingsmaatregelen mogelijk. Bovendien kunnen met feces-PCR ook asymptomatische of vroeg geïnfecteerde personen worden opgespoord, wat van grote waarde is bij het indammen van verdere verspreiding. 

    CAPI Literatuurupdate:
    Relevante IZB-artikelen voor de GGD

    Welkom bij onze literatuurupdate van mei! Hier vind je wetenschappelijke artikelen, vers van de pers, die relevant zijn voor jou als professional in de wereld van infectieziekten. 

    In een tijd waarin voortdurend onderzoek wordt gedaan naar infectieziekten(bestrijding), is het essentieel om op de hoogte te blijven van de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen. 

    Daarom hebben wij een literatuurlijst samengesteld met een selectie van artikelen die speciaal relevant zijn voor IZB-medewerkers. Elke twee maanden vullen wij deze lijst aan. Deze keer hebben we 22 artikelen toegevoegd. Bekijk hier de literatuurlijst. 

    Wil je meer weten over de samenstelling van deze lijst? Neem een kijkje op onze website of stuur een e-mail naar info@capi-consortium.nl  

    Aankomende evenementen en promoties

    8 mei

    CAPI Academy
    Literatuur zoeken in PubMed – 14:00u – 16:00u

    8 mei

    Masterclass
    EPI – 12:30u-13:30u
    Changing epidemiology of influenza A(H5) viruses in animals, with implications for human health risks

    19-23 mei

    Infectiepreventieweek

    20 mei

    Webinar
    RIVM – 12.00u -13.00u
    Ervaren pandemische paraatheid in Nederland

    20 mei

    Webinar
    ECDC’s Lighthouse webinar – 13.00 -14.00 CET
    Behavioural science in action: Social and behavioural science in outbreak investigation and response

    22 mei

    Webinar
    Regionale Zorgnetwerken AMR – MUIZ in de Praktijk:
    Signaleren, Delen, Handelen – 19:00u – 20:30u

    22 mei

    Masterclass
    EPI – 12:30u-13:30u – onderwerp volgt

    3 juni

    CAPI Café
    Antimicrobiële resistentie – 12:00u – 13:00u

    5 juni

    Symposium
    Gedrag & Pandemieën – RIVM

    12 juni

    Masterclass
    EPI – 12:30u-13:30u – onderwerp volgt

    26 juni

    Masterclass
    EPI – 12:30u-13:30u – onderwerp volgt

    Wil je meer weten over CAPI? Neem een kijkje op onze website en volg ons op LinkedIn.

  4. CAPI Nieuwsbrief – april 2025

    Reacties uitgeschakeld voor CAPI Nieuwsbrief – april 2025

    Welkom bij deze lente-editie van de CAPI nieuwsbrief! Leuk dat je meeleest. In deze editie blikken we terug op het CAPI Café over wet- en regelgeving bij infectieziekteonderzoek, vertelt PhD kandidaat Laura Boogaard over haar onderzoek gericht op de infectielast van arbeidsmigranten en blikken we vooruit op de komende CAPI Academy. Ook stelt CAPI programmacoördinator Jonna Wijburg zich voor, en kun je kennis maken met de nieuwste CAPI publicatie van Daniel Franken. Ook staat er een publicatie in de spotlight van onze tweemaandelijkse literatuurupdate, vind je weer een nieuwe quizvraag en is de kalender bijgewerkt. Kortom: een goed gevulde nieuwsbrief! Veel leesplezier!

    CAPI Café: terugblik met factsheet

    Op 11 maart vond het CAPI Café over wet- en regelgeving bij infectieziekte-onderzoek plaats op locatie bij GGD Amsterdam. Tijdens haar overzichtelijke presentatie nam Dr. Marjolein Booij, onderzoekscoördinator bij de afdeling infectieziekten van GGD Amsterdam, ons mee in de verschillende wetten en processen die van belang zijn bij het doen van medisch wetenschappelijk onderzoek met mensen. Wij hebben de take-home messages van dit CAPI Café voor je op een rijtje gezet. Benieuwd? Klik dan op onderstaande button!

    Infectieziektelast en arbeidsmigratie in Europa
    Laura Boogaard, PhD bij AMPHI

    Arbeidsmigratie is de voornaamste reden voor internationale migratie. In Europa is 1 op de 10 werknemers arbeidsmigrant en dit aantal zal blijven stijgen. De verwachting is dat praktisch geschoolde arbeidsmigranten in laagbetaalde sectoren een hogere infectieziektelast en slechtere toegang tot zorg hebben, door factoren gerelateerd aan migratie en een lage sociaaleconomische status. Het doel van dit promotietraject is om het inzicht te vergroten in (determinanten van) infectieziektelast bij praktisch geschoolde arbeidsmigranten in Europa, evenals hun behoefte aan, gebruik van en ervaring met de zorg voor deze infectieziekten.  

    Hiertoe combineren we kwalitatieve en kwantitatieve methoden. Twee van de kwantitatieve studies focussen op het voorkomen van, risicofactoren voor en verspreiding van COVID-19. Voor de studie die nu loopt werken diverse GGD-en samen om data te verzamelen over meldingsplichtige infectieziekten en gerelateerd zorggebruik bij arbeidsmigranten. Een kwalitatieve studie richt zich op de ervaringen en behoeften van arbeidsmigranten met betrekking tot zorg voor infectieziekten, en op barrières en bevorderende factoren daarin. 

    Uitgelicht: Binnen dit PhD-traject hebben we een systematisch literatuuronderzoek uitgevoerd naar infectieziektelast bij praktisch geschoolde arbeidsmigranten die werken in de EU. We zochten in de belangrijkste databases op systematische wijze studies over morbiditeit, mortaliteit en zorggebruik van infectieziekten bij deze doelgroep. Ruim vijftig studies bleken verricht te zijn op dit onderwerp. Het merendeel van de studies richt zich op morbiditeit. De helft betreft studies naar infectieziektelast voor SOA, HIV en hepatitis B en C in sekswerkers. De infectieziektelast voor deze ziekten bleek over het algemeen verhoogd in deze groep arbeidsmigranten. Studies naar COVID-19 bleken ook veel voorkomend, en gericht op arbeidsmigranten in een breder scala aan beroepen, zoals landbouw en industrie. Deze resultaten worden momenteel geanalyseerd. 

    CAPI Academy – Literatuur zoeken in PubMed

    In de vorige nieuwsbrief kondigden we de eerste editie van de CAPI Academy aan: een online workshop op 8 mei van 14:00 – 16:00 uur, waarin we aan de slag gaan met strategieën om systematisch literatuur te zoeken in PubMed.

    We zijn blij dat we in een korte tijd veel aanmeldingen hebben ontvangen! De workshop is inmiddels vol en de inschrijving is gesloten. Je kunt je nog wel aanmelden voor de wachtlijst door te mailen naar info@capi-consortium.nl. Wanneer er een plek vrijkomt, krijg jij als eerste bericht!

    CAPI publicatie: Naleving van malariapreventiemaatregelen onder reizigers 

    Reizigers in een subtropisch gebied

    CAPI PhD-kandidaat Daniel Franken publiceerde onlangs het artikel: ‘Adherence to stand-by emergency treatment and mosquito protection measures in short-term travellers to moderate malaria risk areas’. Wij feliciteren Daniel en co-auteurs met deze publicatie! 

    Malaria blijft een bedreiging voor reizigers naar (sub)tropische gebieden. Dit onderzoek beoordeelde de naleving van malariapreventiemaatregelen onder reizigers naar malariagebieden met een matig risico, waaronder het gebruik van stand-by-noodbehandeling (SBET), het zoeken van gezondheidszorg tijdens koorts en maatregelen ter bescherming tegen muggen. 

    Van de 686 gerekruteerde reizigers vulden er 405 (59%) het dagboek in. Van deze reizigers kreeg 44% vóór de reis een SBET voorgeschreven, hoewel vermoedelijk slechts een klein deel van hen daadwerkelijk op afstand reisde. Geen van de 25 reizigers die koorts rapporteerden, gebruikte het voorgeschreven SBET en vijf zochten medische hulp. Vijfendertig procent van de deelnemers gebruikte DEET en 5% gebruikte een klamboe op ≥75% van de nachten met malariarisico. Een langere reisduur was geassocieerd met een lager DEET-gebruik. 

    Weinig reizigers met koorts gebruikten SBET of zochten medische hulp, ondanks hun advies vóór de reis. Om kosten en verspilling van medicatie te beperken, zou SBET alleen moeten worden geadviseerd aan reizigers die naar zeer afgelegen gebieden reizen waar medische hulp ontoegankelijk is. Verder onderzoek moet zich richten op de gedragsconcepten die aan deze keuzes ten grondslag liggen.

    Lees het hele artikel.

    Even voorstellen: Jonna Wijburg, CAPI programmacoördinator vanuit CEPHIR 

    Mijn naam is Jonna en ik ben een van de vijf programmacoördinatoren van CAPI, vanuit de AWPG CEPHIR. Al anderhalf jaar zet ik me met veel plezier in voor het consortium. Wat ik zoal doe? Samen met mijn collega’s organiseer ik het jaarlijkse CAPI Symposium, coördineer ik het scholingsaanbod – zoals de CAPI Cafés en Academies – en stellen we de tweemaandelijkse literatuurupdate en deze nieuwsbrief samen.  

    Naast mijn taken bij CAPI ben ik ook junior onderzoeker bij de GGD Rotterdam-Rijnmond. Daar heb ik onderzoek gedaan naar no-shows bij het Centrum Seksuele Gezondheid. Door middel van statistische analyses bracht ik in kaart welke factoren hierop van invloed zijn, zodat we gerichter kunnen werken aan oplossingen. Daarnaast ben ik betrokken bij projecten over transmissie van orale gonorroe en maternale kinkhoestvaccinatie.

    Mijn werk bij zowel CAPI als de GGD sluit helemaal aan bij wat ik belangrijk vind: wetenschap toegankelijk maken en bijdragen aan verbeteringen die direct impact hebben op de samenleving. Dit ontdekte ik al tijdens mijn studie Biomedische Wetenschappen in Bordeaux (Frankrijk), toen ik als gids in een wetenschapsmuseum werkte. Daar werd ik me ervan bewust hoe belangrijk het is om wetenschappelijke kennis op een boeiende manier over te brengen– bij voorkeur al op jonge leeftijd, om zo de kloof tussen wetenschap en maatschappij te verkleinen. Dit motiveerde me om een tweede master te doen: Global Health aan de VU, waarmee ik mijn ambitie verder kon verdiepen. 

    Ook buiten mijn werk blijft mijn nieuwsgierigheid mij drijven. Ik volg graag nieuwe interessante cursussen (momenteel ‘documentaire maken’!), leer graag talen en reis het liefst avontuurlijk – liftend en wildkamperend, omdat je zo de meest onverwachte mensen, situaties en plekken tegenkomt. Daarnaast ben ik vaak creatief bezig en heb ik misschien iets te veel hobby’s. 

    Publicatie in de spotlight

    Elke twee maanden zetten we een publicatie uit de tweemaandelijkse literatuur update in de spotlight. In deze nieuwsbrief lichten we het artikel “Sentinel chicken surveillance reveals previously undetected circulation of West Nile virus in the Netherlands” uit, dat is geschreven door Kiki Streng, Nnomzie Atama, Felicity Chandler, Rody Blom, Henk van der Jeugd, Maarten Schrama, Marion Koopmans, Wim van der Poel, en Reina Sikkema. 

    Surveillance van sentinelkippen onthult eerder onopgemerkte circulatie van West-Nijlvirus in Nederland. 

    In 2020 werd Nederland voor het eerst geconfronteerd met een uitbraak van het West-Nijlvirus (WNV), terwijl het Usutuvirus (USUV) al sinds 2016 circuleerde. Beide virussen worden vooral door muggen overgedragen en kunnen ernstige ziekten veroorzaken bij vogels en mensen. Vroege detectie en monitoring van deze virussen helpen bij het voorkomen van verdere verspreiding en het nemen van preventieve maatregelen. 

    Na de ontdekking van WNV in Nederland vroegen wetenschappers zich af of kinderboerderijen konden dienen als stedelijke wachtposten om de verspreiding van deze virussen te monitoren. Kinderboerderijen zijn geschikt voor virusmonitoring omdat ze vaak in stedelijke gebieden liggen en een constante populatie van dieren hebben die regelmatig in contact komen met mensen en andere dieren.  

    Voor het onderzoek werden gedurende een jaar kippen (n=639) van 36 kinderboerderijen en achtertuinen binnen een straal van 15 kilometer van de uitbraakgebieden bemonsterd. Hun bloed werd onderzocht op antilichamen tegen WNV en USUV. Daarnaast werden ook muggen (n=47) verzameld op de bemonsteringslocaties om hun bloedvoedingsgedrag te beoordelen en te testen of ze drager zijn van de virussen WNV en USUV.  

    De resultaten waren opvallend: zowel WNV als USUV werden gedetecteerd in de bloedmonsters, zelfs buiten de oorspronkelijke uitbraakgebieden. Dit toont aan dat bemonstering van kinderboerderij-kippen en muggen een waardevolle rol kan spelen in de viruscirculatie monitoring, vooral in stedelijke gebieden.  

    Hoewel deze studie het belang van innovatieve surveillancemethoden benadrukt en wijst op gezondheidsrisico’s die anders onopgemerkt zouden blijven, is verder onderzoek nodig om de effectiviteit van bemonstering van kinderboerderij-kippen en muggen als monitoringsinstrument volledig te begrijpen. 

    Meer weten over de resultaten van dit onderzoek? Lees hier het volledige artikel. 

    CAPI Quizvraag!

    In de vorige quizvraag vroegen we jullie hoe er binnen de bestrijding van infectieziekten wordt omgegaan met privacy-uitdagingen bij rioolwatersurveillance. Het juiste antwoord, het analyseren en rapporteren van geaggregeerde data op regionaal niveau, werd door 88% van de lezers gekozen. 

    Welkom bij de quizvraag van deze maand!  

    In de rubriek ‘Publicatie in de spotlight’ heb je kunnen lezen over de rol van sentinelkippen bij het monitoren van het West-Nijlvirus (WNV). Deze kippen dienen als vroege waarschuwingssystemen voor viruscirculatie en potentiële overdracht naar de mens. Antilichamen spelen een cruciale rol in dit proces, omdat ze het immuunsysteem helpen om virussen te herkennen en te bestrijden. 

    Recent onderzoek heeft aangetoond dat de antilichamen tegen het usutuvirus (USUV) bij kippen na ongeveer 20 weken snel afnemen. Wat betekent dit?  

    Kippen kunnen na ongeveer vijf maanden minder beschermd zijn tegen een nieuwe infectie door hetzelfde virus. 

    Onderzoek naar antilichamen bij kippen is niet de juiste methode om de circulatie van het virus te monitoren.

    De aanwezigheid van antilichamen tegen het USUV heeft geen invloed op de kans op herinfectie bij kippen.

    Aankomende evenementen en promoties

    24 april

    Webinar
    EPI Masterclass CIb RIVM van 12:30-13:30
    (onderwerp volgt)

    6 mei

    Deadline
    Subsidiecall ZonMw Infectieziektebestrijding

    8 mei

    CAPI Academy
    Literatuur zoeken in PubMed

    Wil je meer weten over CAPI? Neem een kijkje op onze website en volg ons op LinkedIn.

  5. CAPI Nieuwsbrief – februari 2025

    Reacties uitgeschakeld voor CAPI Nieuwsbrief – februari 2025

    Welkom bij de februari-nieuwsbrief van CAPI! Uiteraard blikken wij in deze nieuwsbrief terug op het CAPI Symposium en ook vind je de aankondiging van het volgende CAPI Café over wet- en regelgeving bij infectieziekte-onderzoek. Daarnaast vertelt CAPI onderzoeker Merve Spronk over haar onderzoek naar gezondheidsongelijkheden bij infectieziekten, en stelt CAPI managementassistente Tamara Kleine zich voor. Ook hebben we een nieuwe quizvraag, is de kalender bijgewerkt, en staat er een nieuwe publicatie in de spotlight. Veel leesplezier!

    Terugblik CAPI Symposium –
    Besmettelijke Kennis

    Op donderdag 30 januari vond de tweede editie van het CAPI Symposium plaats—een leerzame en inspirerende dag die in het teken stond van onderzoek naar infectieziekte(bestrijding).

    De ochtendkeynote werd verzorgd door Prof.dr. Maarten Schim van der Loeff, bijzonder hoogleraar epidemiologie van seksueel overdraagbare infecties bij het UMC Amsterdam, met zijn presentatie “Is voorkomen beter dan genezen?”. Hij belichtte beide kanten van deze vraag. Ja, preventie is bewezen effectief, vooral bij vaccinaties, maar hoe zit het met preventief antibioticagebruik, bijvoorbeeld bij doxy-PrEP? Hij besprak de uitdagingen van preventie, zoals het risico op antibioticaresistentie, en benadrukte het belang van nuance en kritisch nadenken.

    Tijdens de parallelsessies gaven 37 onderzoekers presentaties over uiteenlopende thema’s, van uitbraakonderzoeken en vaccinatiebereidheid tot seksuele gezondheid en testen & screenen. Elke sessie bood ruimte voor boeiende discussies en waardevolle uitwisseling tussen de sprekers en het publiek. Er werden veel nieuwe ideeën gedeeld en inspiratie opgedaan. Regelmatig klonk vanuit de sprekers het antwoord: “Goede vraag, ik ga dit verder uitzoeken,” terwijl in het publiek enthousiast aantekeningen werden gemaakt. Gesprekken werden vol op voortgezet tijdens de pauzes. Deelnemers en sprekers wisten elkaar goed te vinden voor verdere verdieping en netwerkmogelijkheden.

    De tweede keynote spreker, wetenschapsjournalist Jop de Vrieze, actief bij onder anderen de Groene Amsterdammer en NTVG, gaf een interactieve presentatie over “Dealen met de media”.

    Na uitwisseling over ervaringen met de media vanuit het publiek, gaf hij een aantal inzichten over omgaan met de media: de media werken goed met duidelijke feiten en transparantie over wat (nog) onbekend is. Het is belangrijk om als onderzoeker aan te geven waar de eigen expertise stopt en helder te communiceren over wanneer er meer informatie beschikbaar komt. Zijn tip: vermijd “beleidstaal” en probeer niet de taal of insteek van het nieuwsbericht te controleren—al is factchecken van het artikel wel van belang. 

    Het CAPI Symposium onderstreepte het belang van samenwerken, de meerwaarde van het delen van voorlopige onderzoeksresultaten, en toonde een mooi overzicht van lopend onderzoek binnen GGD’en en AWPG’en. Voor onderzoekers is het een waardevolle stap om resultaten te delen met de GGD-praktijk en relevante doelgroepen. Tegelijkertijd is het een goed moment om stil te staan bij andere manieren van kennisdeling en het verspreiden van resultaten naar de juiste doelgroepen. Hierover lees je meer in het CAPI Stappenplan voor kennisdisseminatie

    Namens CAPI bedanken we alle sprekers voor hun inzet en alle deelnemers voor hun enthousiaste bijdrage. Wij kijken terug op een geslaagde dag—hopelijk jullie ook! Tot volgend jaar! 

    Gezondheidsongelijkheden bij infectieziekten
    PhD kandidaat Merve Spronk, GGD Amsterdam

    Ik werk sinds 2024 als PhD student bij de GGD Amsterdam bij AWPG Het Sarphati Initiatief. Ik focus met name op gezondheidsongelijkheid bij infectieziekten. Factoren zoals armoede, ongelijkheid en sociale determinanten van gezondheid verhogen de prevalentie en incidentie van infectieziekten en belemmeren de effectiviteit van preventieve maatregelen.

    Om de preventie van infectieziekten in de algemene bevolking te optimaliseren, is het belangrijk om inzicht te hebben in de distributie en interacties van determinanten van infectieziekten in belangrijke doelgroepen. Mijn PhD-project bestudeert deze patronen met betrekking tot twee thema’s: 1) post-COVID onder groepen met een migratieachtergrond; en 2) kinkhoestvaccinatie bij zwangere vrouwen en hun kinderen.

    Ik zal binnenkort mijn eerste studie over de prevalentie en determinanten van post-COVID onder zes etnische groepen in Amsterdam afronden. Ik ben ook van plan om mijn tweede studie, die zich richt op post-COVID en langdurige uitkomsten zoals ernstige vermoeidheid en depressie in dezelfde studiepopulatie, dit jaar af te ronden. Tegelijkertijd voeren we studies uit naar de mogelijke factoren die de opkomst van maternale kinkhoestvaccinatie beïnvloeden in verschillende etnische groepen, in samenwerking met verschillende studiegroepen van GGD Rotterdam, RIVM SocioVax en verschillende afdelingen van GGD Amsterdam. Na deze studies ben ik van plan een kwantitatieve studie over maternale kinkhoestvaccinatie op te zetten. Tegen het einde van mijn PhD-project wil ik meerdere uitgebreide studies uitgevoerd hebben met als doel ons begrip van ongelijkheden in infectiepreventie te vergroten, met name bij groepen met een migratieachtergrond. Op deze manier hoop ik bij te dragen aan het verminderen van ongelijkheden in de infectieziektepreventie. 

    Ik heb geneeskunde gestudeerd aan de Selçuk Universiteit in Turkije. Daarna heb ik mijn specialisatie in huisartsgeneeskunde behaald aan de Dokuz Eylül Universiteit. Ik ben in 2020 naar Nederland gekomen om bij mijn man te gaan wonen. Hier heb ik epidemiologie gestudeerd aan de Universiteit Utrecht en besloot ik mijn carrière als onderzoeker voort te zetten. Ik ben met name geïnteresseerd in het bijdragen aan de opbouw van een inclusievere en effectievere publieke gezondheidszorg. Ik vind het leuk om verschillende kwantitatieve onderzoeksmethoden te integreren, met sociale wetenschappen om een meer holistisch begrip van volksgezondheidskwesties te ontwikkelen en de gezondheidresultaten van verschillende bevolkingsgroepen te verbeteren. 

    In mijn vrije tijd maak ik graag muziek en schilder ik. Ik geloof dat mijn medische opleiding een aanzienlijke invloed heeft gehad op de kunst die ik creëer. De afgelopen twee jaar heb ik deelgenomen aan de “I Art My Science”-tentoonstelling van de Universiteit Utrecht (Merve Spronk | IAMS). Ook geniet ik van reizen, het luisteren naar podcasts over geschiedenis, filosofie en de computerspellen die ik speel. 

    CAPI Café –
    Wet- en regelgeving bij infectieziekte-onderzoek

    Er staat weer een hybride CAPI Café gepland! Deze editie vindt plaats op 11 maart van 12:00-13:00 bij de GGD Amsterdam. Dr. Marjolein Booij, onderzoekscoördinator bij de afdeling infectieziekten van GGD Amsterdam, neemt ons mee in de geldende wet- en regelgeving bij het doen van medisch wetenschappelijk onderzoek met mensen. Daarbij richt zij zich op infectieziekte-onderzoek op de GGD. Welke processen moeten worden doorlopen voorafgaand aan het uitvoeren van wetenschappelijk onderzoek, zodat voldaan wordt aan wet- en regelgeving (o.a. WMO, AVG, WGBO)?

    Marjolein licht deze stappen toe en verwijst naar relevante informatiebronnen, zoals websites, maar ook naar bepaalde medewerkers die vanuit hun expertise de onderzoekers kunnen adviseren. Onderwerpen die aan bod komen zijn het verschil tussen WMO en niet-WMO plichtig onderzoek, het DPIA-proces, nader gebruik van data (zoals retrospectief onderzoek met zorgdata) en het verschil tussen pseudonieme en anonieme data. Ben je er ook bij op 11 maart? Meld je dan aan! Je kunt zowel online als fysiek deelnemen.

    Werving en selectie door 2 dames in een kantoor

    CAPI Quizvraag!

    In de vorige quizvraag hebben we jullie gevraagd wat jullie graag (vaker) terug willen zien in de nieuwsbrief. Hieruit kwam duidelijk naar voren dat jullie graag meer informatie over lopend of afgerond CAPI onderzoek ontvangen, en dat de literatuurupdate vaker terug mag komen. We gaan kijken hoe we dit kunnen verwerken in de nieuwsbrief, en willen jullie bedanken voor de input!

    Tijdens het symposium stond Prof.dr. Maarten Schim van der Loeff stil bij het belang van preventie. Hoewel de algehele conclusie van zijn presentatie was dat voorkomen beter is dan genezen (met een aantal nuances), blijkt preventie in de praktijk ingewikkeld. Dit komt onder andere door de zogenoemde preventieparadox. Daarom is de quizvraag van deze nieuwsbrief:
    Wat is de meest passende beschrijving van de preventieparadox, zoals we deze zien binnen de infectieziektebestrijding?

    Een maatregel is op populatieniveau zeer effectief, maar kan door het individu als minder nuttig worden ervaren, zoals bijvoorbeeld een vaccinatie.

    Als maatregelen in het verleden efficiënt succesvol zijn geweest en de dreiging van een infectieziekte is afgenomen, kunnen mensen minder geneigd zijn om de maatregelen te blijven volgen omdat ze het risico op het krijgen van de infectieziekte als laag inschatten.

    Succesvolle preventie leidt vaak tot een situatie waarin beleidsmakers en het publiek het belang van preventie onderschatten. Hierdoor kunnen financiering en implementatie van preventieve strategieën in gevaar kunnen komen.

    Een succesvolle preventieve maatregel voorkomt dat een ziekte zich verspreidt, waardoor het publiek kan denken dat de ziekte nooit een serieus probleem was, wat leidt tot weerstand tegen verdere preventie-inspanningen.

    Even voorstellen:
    Tamara Kleine, managementassistente bij AWPG Mosa en CAPI

    Mijn naam is Tamara Kleine en sinds 2019 werk ik met veel enthousiasme bij de GGD Zuid-Limburg. Ik ben gestart bij het secretariaat van SIM (Seksuele Gezondheid, Infectieziektebestrijding en Milieu), en in 2023 heb ik de overstap gemaakt naar de Academische Werkplaats Publieke Gezondheid Mosa.

    Deze verandering heeft gezorgd voor meer uitdaging en nieuwe werkzaamheden, die ik met veel plezier uitvoer. Momenteel vervul ik de functie van managementassistent voor zowel AWPG Mosa als CAPI.

    Mijn werkzaamheden zijn divers en omvatten onder andere het bieden van ondersteuning aan CAPI en de AWPG Mosa, het notuleren van vergaderingen, het ondersteunen van verschillende projecten en het uitvoeren van organisatorische en administratieve taken. Wat ik vooral waardeer in mijn werk, is de afwisseling, het contact met collega’s, en de mogelijkheid om als aanspreekpunt te fungeren en problemen op te lossen. Ik geniet van de fijne samenwerking met mijn collega’s en de uitdaging die het meebrengt om nieuwe taken op te pakken. Daarnaast neem ik ook deel aan de Ondernemingsraad (OR) bij de GGD Zuid-Limburg. 

    Donderdag 30 januari is het CAPI Symposium geweest. Hier heb ik de CAPI-collega’s ondersteund bij onder andere de accreditatieaanvraag, het versturen van de uitnodiging, en ben ik die dag zelf aanwezig geweest als host. 

    In mijn vrije tijd breng ik graag tijd door met vrienden en familie. 

    Publicatie in de spotlight

    Elke twee maanden zetten we een publicatie uit de tweemaandelijkse literatuur update in de spotlight! In deze nieuwsbrief lichten we het artikel “Agile, on-demand wastewater surveillance of virus infections to support pandemic and outbreak response in Rotterdam-Rijnmond, the Netherlands, 2020 to 2022” uit, dat is geschreven door Emma Besijn, Jane Whelan, Paul Bijkerk, Gregorius J Sips, Jeroen Langeveld, Ray W Izquierdo-Lara, Elvira van Baarle, Remy Schilperoort, Marion P G Koopmans, Miranda de Graaf, Gertjan Medema, en Ewout Fanoy.

    Agile, on-demand rioolwatersurveillance voor virusinfecties om uitbraak-respons en pandemische paraatheid te versterken in Rotterdam-Rijnmond, 2020 tot 2022

    Rioolwatersurveillance kan een krachtige manier zijn om infectieziekten vroegtijdig te signaleren. Door rioolwater te bemonsteren en in het lab pathogenen te identificeren, kunnen uitbraken snel worden opgespoord en infectietrends in kaart worden gebracht. Vaak wordt zo’n proces uitgevoerd bij grote waterzuiveringsinstallaties met dure apparatuur. Kleinschaligere toepassingen, zoals in rioolputten, zouden echter kansen bieden om lokaal transmissie inzichtelijk te maken en gericht actie te kunnen ondernemen.

    Recent zijn kleine, goedkope en eenvoudig te gebruiken passieve samplers ontwikkeld, gevalideerd voor SARS-CoV-2 detectie. De vraag is echter: hoe toepasbaar en betrouwbaar zijn ze? Om dit te onderzoeken heeft de GGD Rotterdam-Rijnmond zes pilotstudies uitgevoerd, waarin ‘on-demand’ rioolwatersurveillance werd toegepast voor SARS-CoV-2 (inclusief varianten) en Mpox. In deze studies werden deze kleine passieve samplers in rioolbuizen geplaatst en monsters met PCR geanalyseerd.

    De resultaten zijn veelbelovend. Lokale transmissieplekken van SARS-CoV-2 werden succesvol geïdentificeerd, Omicron-varianten werden snel gedetecteerd en er werd geen opkomende Mpox-transmissie vastgesteld. Passieve bemonstering blijkt daarmee een betrouwbare methode voor plaatselijke surveillance. Een groot voordeel van passieve bemonstering ten opzichte van andere vormen van rioolwatersurveillance is dat het mogelijk maakt om kleine of lokale populaties in beeld te brengen die zich mogelijk in kwetsbare situaties bevinden. Echter spelen er daarbij ook ethische en juridische vraagstukken. Het is daarom ook essentieel om gemeenschappen vroeg te betrekken, samen te werken met belanghebbenden, en duidelijke protocollen op te stellen voor bemonstering, datagebruik en privacy.

    Dit onderzoek bevestigt de toepasbaarheid en haalbaarheid van passieve bemonstering voor real-time surveillance van infectieziekten. Deze surveillance-methode zou ook breder kunnen worden toegepast op meerdere pathogenen. Een innovatieve stap naar gerichte, real-time infectieziektebestrijding!

    Meer weten over de resultaten van dit onderzoek? Lees hier het volledige artikel.

    Aankomende evenementen en promoties

    13 februari

    9 maart

    Deadline
    Indienen abstracts/posters voor transmissiedag RIVM

    10 maart

    Webinar
    NVIB Wetenschapscommissie Webinar:
    Hoe organiseer je een succesvolle journalclub?

    13 maart

    Webinar
    EPI Masterclass CIb RIVM (onderwerp volgt)

    25 maart

    Symposium
    RIVM Transmissiedag

    27 maart

    Webinar
    EPI Masterclass CIb RIVM (onderwerp volgt)

    Wil je meer weten over CAPI? Neem een kijkje op onze website en volg ons op LinkedIn.

  6. CAPI Nieuwsbrief – oktober 2024

    Reacties uitgeschakeld voor CAPI Nieuwsbrief – oktober 2024

    Welkom bij de CAPI Nieuwsbrief, die inmiddels maandelijks meer dan 300 lezers bereikt! Wat leuk dat er zo veel interesse is in CAPI. In deze editie vind je de call for abstracts voor het CAPI Symposium 2025, lees je over het onderzoek over infecties op kinderdagverblijven door CAPI Jaaronderzoeker Rosaline van den Berg, en maak je kennis met CAPI Programmacoördinator Anja van der Schoor. Ook hebben we een publicatie in de spotlight gezet en er staat weer een nieuwe CAPI Quizvraag voor je klaar! Verder kun je je nog aanmelden voor het volgende CAPI Café en vind je een overzicht van aankomende evenementen en promoties. Veel leesplezier!

    Call for abstracts CAPI Symposium 2025

    Het Consortium van Academische werkplaatsen Publieke gezondheid – Infectieziekten organiseert de tweede editie van het CAPI Symposium – Besmettelijke kennis op donderdag 30 januari 2025 in Utrecht. Ook ditmaal staat het symposium in het teken van infectie-ziekte-onderzoek uitgevoerd voor en door GGD’en.

    Heb jij vanuit een GGD en/of academische werkplaats publieke gezondheid een infectieziekte-onderzoek uitgevoerd? Dan nodigen we je van harte uit om jouw onderzoek in te dienen en de resultaten te presenteren op het CAPI Symposium!

    Er is ruimte voor presentaties van onderzoek op het gebied van algemene infectieziektebestrijding, reizigersadvisering, seksuele gezondheid, TBC, en pandemische paraatheid.

    Via onderstaande button kun je tot en met vrijdag 22 november 2024 een Nederlandstalig abstract van maximaal 250 woorden indienen. Let op: er kunnen enkel onderzoeken worden ingediend waarvan op de dag van het symposium (voorlopige) resultaten gepresenteerd kunnen worden.

    CAPI Quizvraag

    associatie versus correlatie

    In de vorige quizvraag vroegen we of je monitordata, verzameld door een afdeling bij de GGD, zomaar mocht gebruiken voor je eigen onderzoek. Het goede antwoord was, nee dit mag niet zomaar, er zijn een aantal stappen die je hiervoor moet nemen. 74,7% van de lezers die de quizvraag hebben beantwoord, had dit goed! Wil je meer weten? Kijk dan eens naar het document “Gebruik bestaande zorgdata voor surveillance of wetenschappelijk onderzoek” en het bijbehorende stappenplan.

    De quizvraag van deze nieuwsbrief!
    In het artikel wat later in deze nieuwsbrief uitgelicht wordt, over rabiësrisico en reizen, gaat het onder andere over associaties tussen de karakteristieken van de deelnemers en contact hebben met dieren tijdens reizen. In andere artikelen lees je weer veel over correlaties.

    Maar wat is eigenlijk een correlatie, en wat is een associatie? Zit er wel verschil tussen de twee?

    Associatie betekent dat er een relatie is tussen twee variabelen. Correlatie betekent dat er een relatie is tussen twee variabelen, maar geeft ook causaliteit aan.

    Associatie betekent dat er een relatie is tussen twee variabelen. Correlatie is een vorm van associatie, waarbij er een negatieve of positieve trend in de relatie aanwezig is.

    Associatie en correlatie zijn hetzelfde, en geven beide aan dat er een relatie is tussen twee variabelen, zonder daarmee extra informatie te geven over deze relatie.

    Infecties op kinderdagverblijven

    Rosaline van den Berg, jaaronderzoeker bij AWPG CEPHIR

    Sinds 1 jaar werk ik met veel plezier bij de GGD Zuid-Holland Zuid (ZHZ). De helft van mijn tijd werk ik als infectieziekte-epidemioloog op VIP pijler 2 en de andere helft van mijn tijd besteed ik aan ons CAPI Jaaronderzoek naar het vóórkomen van infectieziekten op kinderdagverblijven in Zuid-Holland Zuid (ZHZ).

    Infectieziekten kunnen zich snel verspreiden, met name onder jonge kinderen i.v.m. beperkt hygiënebesef en -toepassing. Daarom is er een meldplicht voor instellingen, waaronder kinderdagverblijven, voor het melden van een ongewoon aantal zieken, maar er is sprake van onderrapportage van uitbraken. Het zicht op infecties bij deze kwetsbare groep blijft daardoor (deels) geblindeerd. In ons onderzoek proberen we de surveillance bij kinderdagverblijven te verbeteren middels aanvullende surveillancemethoden om zo tijdige interventies mogelijk te maken en (potentiële) uitbraken in te dammen.

    In de periode mei-juli 2024 hebben 26 van de grotere kinderdagverblijven in de GGD-regio ZHZ deelgenomen aan de zomermeting van ons onderzoek. Personeel van deelnemende kinderdagverblijven heeft bijgehouden hoeveel kinderen (0-4 jaar) en hoeveel personeel ziekteverschijnselen van gastro-enteritis, huidinfecties en luchtweginfecties vertoonden (bovengrondse metingen). Daarnaast wilden we rioolwatermetingen uitvoeren om een indicatie te krijgen van de viruscirculatie in deze populatie, maar door verschillende redenen was dit niet mogelijk. Hierom hebben we andere alternatieve surveillance methoden overwogen. Vanaf oktober starten we met luierdiagnostiek, naast de bovengrondse metingen. Op dit moment zijn we druk bezig om deze plannen uit te werken. Vervolgens hebben we een aantal alternatieve surveillancemethoden overwogen voor de rioolwatermetingen: in de wintermeting (start in oktober) willen we naast de bovengrondse metingen luierdiagnostiek uitvoeren. Op dit moment zijn we druk bezig om deze plannen uit te werken.  

    De resultaten van de wintermeting verwachten we in Q1 van 2025. Dan zullen we ook een vergelijking tussen zomer- en wintermetingen kunnen maken.  

    Als ik niet aan het werk ben, ben ik graag buiten: met de kinderen buiten sporten/spelen, of werken in de tuin, maar ook schilderen of tekenen is erg fijn om te doen in de buitenlucht. 

    Anja van der Schoor, Programmacoördinator namens awpg Lumens

    Sinds april vorig jaar werk ik namens awpg Lumens als Programmacoördinator voor CAPI! Lumens is de AWPG voor regio Haaglanden en Hollands Midden. In totaal zijn we met vijf coördinatoren, dus onderling worden de taken een beetje verdeeld. Ik help onder andere mee met het organiseren van het CAPI Café, het organiseren van het CAPI Symposium op 30 januari, en het maken van deze nieuwsbrief.

    Naast deze taken, ben ik ook kwartiermaker Infectieziektebestrijding bij onze werkplaats. Hoewel onze werkplaats net zo lang bestaat als de andere, was het tijd voor een herstart! Mijn rol hierbij is om de infectieziektepijler binnen de werkplaats op te bouwen. Hierbij kan je denken aan het zorgen voor een goede governance, maar ook aan het meedenken, opzetten, en uitvoeren van infectieziekte gerelateerd onderzoek. Daarnaast ben ik verantwoordelijk voor het onderhouden van het netwerk met onze infectieziekte-partners, zoals het LUMC en de universiteit. Om dit mogelijk te maken werk ik zowel voor GGD Haaglanden, GGD Hollands Midden, en probeer ik regelmatig bij een van onze partners fysiek aanwezig te zijn. Gecombineerd met het coördinatorenschap is het een uitdagende functie, maar daardoor ook erg leuk!

    Voordat ik programmacoördinator/kwartiermaker werd, deed ik een PhD bij de afdeling medische microbiologie en infectieziekten van het Erasmus MC. Sinds oktober vorig jaar mag ik mij officieel doctor noemen! In mijn vrije tijd hou ik van lezen, podcasts luisteren, bakken, en sport ik ook regelmatig.

    Reminder CAPI Café: AI-gedreven surveillance voor Infectieziekten in de Huisartsenpraktijk

    Zoals eerder aangekondigd vindt het volgende hybride CAPI Café plaats op dinsdag 15 oktober van 12:00 tot 13:00 bij GGD Groningen. In deze editie vertelt Maarten Homburg, huisarts en promovendus bij het Universitair Medisch Centrum Groningen, over een innovatief AI-gedreven surveillancesysteem voor infectieziekten in de Nederlandse huisartsenpraktijk. Ben je benieuwd hoe dit AI-systeem precies werkt en wat het kan betekenen voor de GGD-praktijk? Via onderstaande button kun je je nog aanmelden voor dit CAPI Café! Deelname kan zowel fysiek bij GGD Groningen als online.

    Publicatie in de spotlight

    Elke twee maanden zetten we een publicatie uit de tweemaandelijkse literatuur update in de spotlight! In deze nieuwsbrief lichten we het artikel “Rabies knowledge gaps and risk behaviour in Dutch travellers: An observational cohort study” geschreven door Lisanne Overduin, Jan Pieter Koopman, Corine Prins, Petra Verbeek-Menken, Cornelis de Pijper, Fiona Heerink, Perry van Genderen, Martin Grobusch, en Leo Visser uit.

    Rabiës kennis lacunes en risicogedrag in Nederlandse reizigers: een observationele cohort studie

    In deze studie is onderzocht wat de kennis is van Nederlandse reizigers rondom rabiës, en wat voor risicogedrag zij vertonen tijdens de reis. Dit is onderzocht aan de hand van twee vragenlijsten; één voorafgaand aan de reis, en één bij thuiskomst. Deze vragenlijsten zijn voorgelegd aan mensen die deelnamen aan een clinical trial, waardoor een groot deel van de deelnemers gratis een rabiës vaccinatie heeft ontvangen. In totaal hebben 301 mensen de eerste vragenlijst ingevuld, en 222 mensen de tweede vragenlijst.

    Uit de resultaten blijkt dat de kennis over rabiës en risicogedrag niet voldoende is. Zo wist een groot deel van de deelnemers niet dat post-exposure prophylaxe (PEP) ook nodig kan zijn wanneer er sprake is van een wond die niet bloedt, of als een dier heeft gelikt aan een beschadigde huid. Daarnaast wist 27.9% van de deelnemers niet dat PEP binnen een dag toegediend dient te worden. Meer dan 50% van de reizigers had contact met dieren tijdens de reis. Ondere andere het gehad hebben van huisdieren, het houden van dieren, en een reisduur van meer dan 14 dagen waren positief geassocieerd met contact hebben met dieren. Twee deelnemers hebben op reis een incident gehad waarna PEP noodzakelijk was. Een van hen heeft echter geen PEP-zorg gezocht. Uit de resultaten wordt duidelijk dat het huidige reisadvies over rabiës niet voldoende is. Er zou meer aandacht besteed moeten worden aan het belang van het vermijden van contact met dieren, en over de richtlijnen rondom PEP-zorg.

    Aankomende evenementen en promoties

    31 oktober

    Deadline
    Indiening RIVM-regioprojecten

    20 november

    Wil je meer weten over CAPI? Neem een kijkje op onze website en volg ons op LinkedIn.

  7. CAPI Nieuwsbrief – september 2024

    Reacties uitgeschakeld voor CAPI Nieuwsbrief – september 2024

    Welkom terug bij de CAPI nieuwsbrief! Wij hopen dat jullie allemaal een fijne zomer hebben gehad. In deze nieuwsbrief zul je kennis maken met het onderzoek over een vroegsignaleringssysteem van infectieziekten van CAPI PhD student Jessica Aguilar Diaz. Daarnaast zijn wij verheugd om het volgende CAPI Café aan te kondigen over ‘AI-gedreven surveillance voor Infectieziekten in de Huisartsenpraktijk’. Verder vind je de link naar de tweede CAPI Masterclass ‘Van onderzoeksvraag naar resultaten’. Ook introduceren we twee nieuwe rubieken : het overzicht van aankomende evenementen en promoties in de komende twee maanden en de CAPI Quizvraag!

    CAPI Café

    AI-gedreven surveillance voor Infectieziekten in de Huisartsenpraktijk: BERT en ERNIE in Actie

    Op dinsdag 15 oktober van 12:00 tot 13:00 vindt het volgende hybride CAPI Café plaats bij GGD Groningen. Deze keer neemt Maarten Homburg, huisarts en promovendus bij UMCG, ons mee in een innovatief AI-gedreven surveillancesysteem voor infectieziekten in de Nederlandse huisartsenpraktijk.

    Het systeem maakt gebruik van BERT (Bidirectionele Encoder Representaties van Transformators) en ERNIE (Encoders, Reclustering, and Neural Inference for Early-warning) om vroegtijdig uitbraken te detecteren en de respons te verbeteren. Ben je benieuwd hoe dit AI-systeem precies werkt en wat het kan betekenen voor de GGD-praktijk? Lees meer op onze website en meld je via onderstaande button aan voor dit CAPI Café! Deelname kan zowel fysiek bij GGD Groningen als online.

    CAPI Quizvraag!

    In deze nieuwsbrief introduceren we de quizvraag! Elke maand stellen we een onderzoeksgerelateerde vraag, waar jullie, als lezers, op kunnen antwoorden door een duimpje omhoog of omlaag te geven! Na je keuze zie je direct het juiste antwoord en de uitleg waarom het dit antwoord is.

    Mag ik als GGD-medewerker de data verzameld door bijvoorbeeld de reizigerspoli van mijn GGD direct gebruiken voor een onderzoek?

    Masterclass: Van onderzoeksvraag naar resultaten

    Samen met GGD GHOR Nederland werkt CAPI aan een reeks VIP-masterclasses, met het doel om kennis in en rondom het werkveld van de infectieziektebestrijding te vergroten. De tweede CAPI Masterclass getiteld ‘Van onderzoeksvraag naar resultaten’ is nu te bekijken via onderstaande button.
    Dr. Janneke Heijne en dr. Ellen Generaal geven in deze masterclass handvatten voor het uitvoeren van de data-verzameling binnen je onderzoek.

    Hoe kies je de onderzoekspopulatie, de meetinstrumenten en het studie-design? En waar moet je aan denken bij de data-analyse? Laat je door alle stappen meevoeren om zo op weg geholpen te worden met jouw eigen onderzoek!

    Pandemische paraatheid: vroegsignaleringssysteem van infectieziekten dankzij huisartsendata

    Jessica Aguilar Diaz, CAPI PhD student bij AWPG AMPHI

    Mijn promotieonderzoek gaat over ‘pandemische paraatheid’: het goed voorbereid zijn op een pandemie. Daarbij kijken wij specifiek naar het gebruik van huisartsendata, met routinematig verzamelde gegevens, en wat de potentie hiervan is om uiteindelijk vroege signalen van uitbraken van infectieziekten op te sporen.

    Wat zijn vroege signalen die op een uitbraak kunnen duiden? Waar moeten registratiesystemen aan voldoen om een dergelijk signaal op te pikken? Als een uitbraak sneller gedetecteerd kan worden, zouden er eerder acties ondernomen kunnen worden, om transmissie in de populatie te voorkomen. 

    De eerste studie van mijn promotieonderzoek is een eerste stap om beter inzicht te krijgen in de potentie van huisartsendata, die routinematig geregistreerd wordt, voor een vroegsignaleringssysteem van infectieziekten. Dit is een exploratieve, beschrijvende studie, waarbij we kijken naar de wekelijkse aantallen geregistreerde klachten, diagnoses en redenen om de huisarts te bezoeken met betrekking tot respiratoire infectieziekten. Het doel van de eerste studie is om te onderzoeken wat de potentie is van huisartsendata vanuit elektronische patiëntendossiers, om de waarde voor vroegsignalering vast te stellen. 

    Onderstaande onderzoeksvragen zullen bestudeerd worden: 

    1. Voldoet de data aan voorwaarden voor een vroegsignaleringssysteem van infectieziekten?
    2. Welke combinatie van klachten, diagnoses, redenen voor bezoek van de huisarts hebben de hoogste potentie voor uitbraak detectie voor een vroegsignaleringssysteem van infectieziekten? 

    De eerste onderzoeksvraag zal op een beschrijvende manier beantwoord worden. Voor de tweede onderzoeksvraag zal een kwantitatieve analyse uitgevoerd worden, waarbij onder andere gekeken zal worden naar wekelijkse incidenties en wanneer en hoe vaak aantallen boven de alarmgrens uitkomen. Hierbij kijken we nog niet naar uitbraken van infectieziekten maar dit zal in een vervolgstudie uitgevoerd worden. 

    De resultaten van de eerste studie zijn nog niet beschreven, dit wordt nu uitgevoerd.  

    Met dit promotieonderzoek leveren we een bijdrage aan het gebruik van huisartsendata voor vroegsignalering. Wellicht is er een mogelijkheid om huisartsendata te gebruiken voor uitbraak detectie en uiteindelijk een real time dashboard hiervan te bouwen, voor een vroegsignaleringssysteem van infectieziekten. 

    Over Jessica: 

    Ik heb Biomedische Wetenschappen gestudeerd, richting Epidemiologie. Het meest interessant vind ik het doen van infectieziekten onderzoek. Ik heb hiervoor bij het RIVM gewerkt aan de surveillance van antimicrobiële resistentie en bij het Radboudumc heb ik onderzoek gedaan naar tuberculose. Nu ben ik bezig met mijn promotieonderzoek over pandemische paraatheid, wat heel leuk, interessant en relevant is. Tegelijkertijd werk ik ook als epidemioloog binnen het team infectieziektebestrijding van de GGD Gelderland-Zuid, hierdoor kan ik de link leggen met wat er in de praktijk speelt. 
    Het leuke aan onderzoek doen vind ik dat je met iets compleet nieuws bezig bent (ik ben heel nieuwsgierig aangelegd), waar nieuwe inzichten uitkomen, die hopelijk een bijdrage kunnen leveren aan de praktijk. Terwijl je met het onderzoek bezig bent leer je veel nieuwe vaardigheden en ook een grote groep mensen kennen binnen het werkveld, die ook heel enthousiast zijn binnen dit vakgebied. 

    In mijn vrije tijd vind ik het fijn om tijd met mijn gezin door te brengen: met mijn partner en onze dochter van 2. Daarnaast houd ik van nieuwe talen leren en van reizen, het liefst verre reizen en nieuwe landen en culturen leren kennen. In mijn overige tijd vind ik het heel leuk om te dansen (zoals zumba), yoga te doen en te lezen om te ontspannen. 

    CAPI Literatuurupdate:
    Relevante IZB-artikelen voor de GGD

    Welkom bij onze literatuurupdate! Hier vind je wetenschappelijke artikelen, vers van de pers, die relevant zijn voor jou als professional in de wereld van infectieziekten.

    In een tijd waarin voortdurend onderzoek wordt gedaan naar infectieziekten(bestrijding), is het essentieel om op de hoogte te blijven van de nieuwste wetenschappelijke ontwikkelingen.

    Daarom hebben wij een literatuurlijst samengesteld met een selectie van artikelen die speciaal relevant zijn voor IZB-medewerkers. Elke twee maanden vullen wij deze lijst aan. Deze keer hebben we 13 artikelen toegevoegd. Bekijk hier de literatuurlijst.

    Wil je meer weten over de samenstelling van deze lijst? Neem een kijkje op onze website of stuur een e-mail naar info@capi-consortium.nl

    Aankomende evenementen en promoties

    16 september

    31 oktober

    Deadline
    deadline indiening RIVM-regioprojecten

    Wil je meer weten over CAPI? Neem een kijkje op onze website en volg ons op LinkedIn.